Joggen als je denkt dat ’telefoon’ een werkwoord is

5 vragen.
Als kinderen bewegen, leren ze beter. Tenminste, dat blijkt uit Amerikaans onderzoek. Suzanne Houwen van het Centrum voor Bewegingswetenschappen in Groningen bekijkt of dat ook in Nederland werkt.

Ricus Dullaert.

1. Krijgen kinderen rekenen tijdens de gymles?
„Nee, gewoon in de klas. Misschien moeten er wat tafels aan de kant in de klas, maar zelfs dat is in een ruime klas niet nodig. In Amerika lieten ze kinderen een half uur per dag naast hun tafeltje staan en op een fysieke manier antwoord geven op vragen. Als de kinderen bijvoorbeeld van ’telefoon’ moeten zeggen wat voor soort woord het is, moeten ze springen als ze denken dat het een zelfstandig naamwoord is. Als ze denken dat het een werkwoord is, joggen ze op de plaats. Door het bewegen verbetert de doorbloeding van de hersenen, ook in die delen waarmee ze cognitieve prestaties leveren. De kinderen nemen de stof dus beter en sneller op als ze in beweging zijn.”

2. Dus als ik mijn kinderen meer laat sporten, verbeteren hun resultaten?
„Dat kun je niet zo zeggen. Het is wel zo dat kinderen die op een hoog niveau aan sport doen, meestal betere resultaten behalen op school, maar daar spelen ook andere factoren een rol. Het is niet zo dat als je nu tien keer op en neer springt, je over een uur de tafel van zeven beter kunt opzeggen. Het rekenen of de taalopdrachten moeten echt tijdens de lichamelijke activiteit gebeuren, wil het effect optreden. Dat effect is dan wel structureel. De kinderen hoeven dus niet hun toetsen te maken terwijl ze op en neer springen. Of het effect op de langere termijn ook optreedt, moet blijken uit onderzoek. We kijken daarom ook nog eens naar de prestaties nadat ze gestopt zijn met de actieve lessen.”

3. Werkt het voor alle kinderen?
„In principe wel, maar waarschijnlijk hebben vooral achterstandsleerlingen baat bij de methode. Die zijn lichamelijk niet zo actief. Bij hen is dus de meeste winst te behalen. Een bijkomend voordeel is dat ook overgewicht wordt aangepakt. Je beweegt toch een half uur per dag meer. Die problemen, overgewicht en leerachterstand, hangen vaak samen. Maar ons hoofddoel is die leerachterstand terugdringen.”

4. Een school heeft vast allerlei dure computers nodig om dit in te voeren.
„Helemaal niet. Deze methode is heel gemakkelijk en praktisch kosteloos. Het enige wat nodig is, is dat de leraren thuis raken in het handboek. Dat kan in een training van een middag gebeuren. Een spelcomputer als de Wii kan wel goed werken, als de kinderen tijdens de reken- en taalopdrachten maar genoeg bewegen. Dat zou best een idee zijn voor thuis.”

5. Wanneer kunnen basisscholen hiermee beginnen?
„We onderzoeken eerst op twaalf basisscholen in het noorden van het land of dit net als in Amerika resultaten oplevert. Het zijn basisscholen met een hoog percentage achterstandsleerlingen. De groepen 4 en 5 gaan er drie jaar lang elke dag een half uur actief aan de slag. Als dat goed gaat, kan elke school eraan beginnen.”

[Bron:Trouw]