Reclamewezen en de EU geven ons een slechte maaltijd
BERT VAN RUITENBEEK EN WOUTER VAN DER WEIJDEN.
Vorige week werd bekend dat ruim de helft van de Europeanen lijdt aan overgewicht of ernstig overgewicht (obesitas). Ook in Nederland is ongeveer de helft van de bevolking te dik. Het percentage kinderen met overgewicht neemt snel toe, vooral onder allochtonen.
Steeds meer mensen eten eenzijdig en te veel. Ze bewegen te weinig. Het probleem is in twintig jaar verdubbeld. Onvermijdelijk gevolg is een toename van hart- en vaatziekten en diabetes, en daarmee een verdere stijging van de zorgkosten.
Zowel de overheid als het bedrijfsleven is in beweging gekomen om de trend te keren. Zij hebben een Convenant Gezond Gewicht afgesloten. Industrie en supermarkten zetten bijvoorbeeld logo’s op producten waaraan minder suiker en zout zijn toegevoegd. Het Voedingscentrum geeft voorlichting aan consumenten. Dat zijn goede stappen, maar het effect zal beperkt blijven zolang het bedrijfsleven en de overheid niets doen aan twee belangrijke oorzaken van ongezond eten: de eenzijdige oriëntatie van de reclame en de scheefgroei in het Europese landbouwbeleid.
Wat de reclame betreft, door de bank genomen is vers voedsel gezonder dan gemaks- en impulsproducten, die vaak meer zout, suiker en vet bevatten. Wereldwijd wordt er naar schatting 50 miljard euro uitgegeven aan reclame voor merkproducten, die vrijwel altijd in de laatste categorie vallen. Slechts een fractie gaat naar – meestal merkloze – verse producten. Reden: merkproducenten produceren op megaschaal en dus moeten hun producten houdbaar zijn. Ze hebben de reclamebudgetten om vers te verdringen en willen zelf niet in vers, omdat dat niet past in hun productieprocessen. Voor supermarktketens ligt dat anders. Zij concurreren met elkaar op de prijs voor merkartikelen en zijn derhalve gedwongen hoge marges te zetten op vers. Uitzonderingen zijn onbewerkt vlees en zuivel. Daardoor is kip soms goedkoper dan diervoer en melk goedkoper dan mineraalwater. Maar het overheersende beeld is: bewerkt is goedkoop, waardoor vers te duur is.
Deze wanverhouding staat haaks op het streven naar gezonde voeding. De belangrijkste slachtoffers zijn kinderen in de groeifase, die vaak worden veroordeeld tot een levenslang gevecht tegen overgewicht. Steeds meer medici zien obesitas als een chronische ziekte, waarvoor jarenlange behandeling is vereist. Intussen liggen snoep en chips in de winkels op kindhoogte.
Het is een kerntaak van de overheid om op te treden als de markt faalt, zeker als het gaat om de bescherming van kinderen. De voorlichting door het Voedingscentrum bereikt te weinig ouders en kinderen. Bovendien geeft de overheid ook impulsen in de ongezonde richting. Jaap Seidell, hoogleraar voeding en gezondheid, heeft gewezen op de wanverhouding tussen de landbouwbudgetten van de Europese Unie en de voedingsbehoeften van haar burgers. De ‘schijf van vijf’‘ adviseert veel granen en groenten, minder dierlijke producten, en zo weinig mogelijk snacks en genotsmiddelen. Maar het overgrote deel van het EU-landbouwbudget (76 procent) gaat naar dierlijke producten en genotsmiddelen, inclusief tabak. Slechts 4 procent gaat naar fruit en groente.
Ondanks de toename van overgewicht is in het regeerakkoord afgesproken fors te bezuinigen op interventies gericht op een gezonde levensstijl. Dat spaart 100 miljoen euro, maar staat haaks op het voornemen de kosten van de zorg te beheersen. Naast bezuiniging is waarschijnlijk de overweging geweest dat preventie de eigen verantwoordelijkheid is van de burger. Maar dat is te makkelijk. De overheid voert al decennialang met succes een preventief beleid voor verkeersveiligheid en tegen roken, inclusief regulering van de reclame.
De industrie zit niet te wachten op regulering. Dat bleek afgelopen voorjaar, toen het Europees Parlement een voorstel behandelde om de consument te helpen met een ‘verkeerslichtensysteem’ op de verpakking van voedingsmiddelen. De Europese levensmiddelenindustrie spendeerde een miljard euro aan lobbygeld en wist dit voorstel van tafel te krijgen.
Maar er zal iets aan de scheefgroei moeten gebeuren. Industrie en supermarkten moeten stoppen met reclame voor ongezonde voedingsmiddelen voor kinderen. Ook zouden ze de inrichting van de schappen ‘gezonder’ moeten maken. En vooral: hun prijsbeleid verschuiven van bewerkt naar vers en van vlees en zuivel naar groenten en fruit.
De overheid ontkomt bij de toename van overgewicht niet aan het reguleren van voedingsreclame voor kinderen. Daarnaast zou Nederland in de EU moeten bepleiten dat het landbouwbeleid mede wordt gericht op productie en consumptie van gezond voedsel. Volgend jaar is er een kans, want dan wordt het landbouwbeleid hervormd. De EU promoot al schoolfruit. Het zou helpen als 5 procent van het budget voor tabak, vlees en zuivel wordt overgeheveld naar brede promotie van groenten en fruit.
Bert van Ruitenbeek is directeur van Ecominds, Wouter van der Weijden staat aan het hoofd van het Centrum voor Landbouw en Milieu. Vanavond organiseren zij in De Rode Hoed een debat over een gezond en duurzaam voedselaanbod. Het debat wordt geleid door Felix Rottenberg.
[Bron:Trouw]