Energie in Balans 2008. Op zoek naar de X-factor
Op 6 november 2008 riep voorzitter Convenant overgewicht Rosenmöller het kabinet en bedrijven op om meer ambitie te tonen bij de preventie van overgewicht. ‘Er zijn voldoende programma’s en methoden ontwikkeld om de gezonde keuze te bevorderen. Die moeten nu landelijk opgepakt en verspreid worden. Met brede steun vanuit het kabinet en het bedrijfsleven.’ Aldus Rosenmöller bij de presentatie van het jaarverslag ende film Energie in Balans 2008 'Op zoek naar de X-factor' aan staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Jet Bussemaker tijdens de Nationale Balans Top in Corpus in Oegstgeest.
'Meer ambitie nodig bij kabinet en bedrijven'
Jaarverslag Energie in Balans 2008 'Op zoek naar de X-factor'
Film 'Op zoek naar de X-factor'
Download deze video
Uitgeschreven tekst
>> Madeleen Driessen, verslaggever: Overgewicht is wereldwijd een groeiend probleem, ook in Nederland. We bewegen te weinig, we snacken te veel en langzaam maar zeker we worden steeds zwaarder. We zijn uit balans, met alle gevolgen van dien: gezondheidsproblemen, hogere ziektekosten.
Om deze trend te keren is in 2005 het Convenant Overgewicht opgericht met initiatieven op allerlei gebieden.>> schoolklas: Brood.
>> Televisieprogramma: Nu je het ziet, dan neem je het eerder. Ik vind dat wel een goede actie.
>> Madeleen Driessen: In deze film ga ik op zoek naar de X-factor van verschillende projecten. Aansprekende initiatieven die 't verschil maken. Projecten die als we ze uitrollen en combineren helpen om weer in balans te komen.
>> Madeleen Driessen: Het Ik-Kies-Bewust-logo helpt bij het samenstellen van gezondere voeding. In één oogopslag zien we welke producten in een categorie een gezondere keus zijn. Met dit logo krijg je minder verzadigd vet, suiker en zout binnen. Deze producten zijn gezonder dan andere in die categorie wat nog niet betekent dat je ze onbeperkt kunt eten.
Jaap, jij bent hoogleraar Voeding en Gezondheid aan de VU. Jullie bepalen mede de criteria waaraan producten met het logo moeten voldoen. Wat zijn die criteria?>> Jaap Seidell, hoogleraar voeding en gezondheid VU: Die criteria letten vooral op verzadigde vetten, toegevoegde suiker, toegevoegd zout en transvetzuren, een ongezond soort vet. We proberen dat gehalte zo laag mogelijk te krijgen.
>> mensen in de supermarkt: Heel belangrijk. Ik heb kinderen, dus ik wil daar bewust mee omgaan. Ik wil niet te veel rotzooi in m'n mandje. Het kan helpen het goede product te vinden.
>> Madeleen Driessen: Als je kijkt naar de strijd tegen overgewicht hoe kan 't Ik-Kies-Bewust-logo daaraan bijdragen?
>> Jaap Seidell: Overgewicht komt door te veel eten, te veel ongezonde dingen eten. Deels komt het doordat we te veel verzadigd vet en suiker binnenkrijgen. Dat willen we verminderen door de producent te stimuleren om daar zo min mogelijk van in de producten te doen. Dan kunnen ze een logo verdienen. En we willen de consument helpen producten te kiezen waar die stoffen weinig in zitten.
>> Madeleen Driessen: Werkt 't ook?
>> Jaap Seidell: We weten dat 't werkt. De supermarkten, cateraars en bedrijfsrestaurants die dat logo gebruiken, zien dat producten met dat logo beter verkopen. En producenten stoppen minder zout en suiker in producten met dat logo.
>> mevrouw in de supermarkt: Zullen we even kijken? Volgens mij niet. Of dit moet het zijn.
>> Madeleen Driessen: Nou hier, bijvoorbeeld. Weet u waar het voor staat?
>> mevrouw in de supermarkt: Ja, dat is voor gezonde producten. Maar er zijn zoveel verschillende logo's dat ik... Ik heb m'n vraagtekens erbij.
>> Madeleen Driessen: We zien in de supermarkten ook verschillende logo's. Lijkt me verwarrend.
>> Jaap Seidell: Dat is vervelend. Met de milieubeweging had je ook ineens veel eco-keurmerken. Zo hier ook. Het was 'n goed idee, dus hebben meer mensen dat bedacht. Je ziet dat dat nu verwarring geeft bij de consument. Het is dan ook het streven om uiteindelijk te komen tot één logo. Die gesprekken zijn gaande.
[School]
>> Madeleen Driessen: Met 't ik-kies-bewust logo kopen we gezondere producten. Maar voor 'n gezond leefpatroon is meer nodig zoals gevarieerd en niet te veel eten en voldoende beweging.
>> kinderen: We hebben geleerd van de schijf van vijf.
Sporten vind ik leuk, omdat je dan lekker dun blijft.
Gezonde dingen zijn groenten, fruit.
Ik heb geleerd om gezonde dingen te doen. Eten en gezond bewegen.
Ja, ik ga ook na schooltijd sporten. Ik doe mee aan voetbal.>> Janneke Foolen, groepsleerkracht, in de klas: Hij slaat 't ontbijt nooit over. Hij weet hoe belangrijk het is om te ontbijten.
>> Janneke Foolen: Van het Lekker Fit-programma geven wij de theorielessen. Ouders zelf moeten ook nog vaak wat doen. In de boekjes worden altijd opdrachten opgenomen die de kinderen thuis doen.
>> Lianne Limam, vakdocent lichamelijke opvoeding: Het verschil tussen Lekker Fit en het gewone gym is dat ze bij Lekker Fit drie keer per week gymmen, in plaats van twee keer. Daarnaast heb ik specifieke oefeningen die ik moet scoren. In de loop der jaren kan ik het verschil zien van wat ze in het begin konden en wat ze nu kunnen. Dan is er nog een diëtiste. Die begeleidt de kinderen met overgewicht één op één.
>> Madeleen Driessen en Leonard Geluk joggen een stukje: Dit is geen wedstrijdje, hè?
-Dit is nog geen wedstrijd.
Zullen we heel even naar het...>> Madeleen Driessen: Leonard, ik begrijp dat de gemeente Rotterdam scholen stimuleert om het lesprogramma Lekker Fit te gebruiken. Waarom?
>> Leonard Geluk, wethouder Jeugd, gezin en onderwijs in Rotterdam: Het is leuk voor kinderen, goed voor ouders. Die worden er erg bij betrokken. Ik geloof zelf dat Lekker Fit alleen lukt als je sporten en voeding combineert. De kracht van het programma is dat 't niet zomaar 'n projectje is maar dat het heel integraal is, heel duurzaam. Kinderen worden twee keer per jaar getest via de 'euro fit-test'. Er zit 'n wedstrijdelement in. Dat werkt in de praktijk uitstekend.
>> Madeleen Driessen: Hoe zorg je ervoor, dat is een van de X-factoren die we zoeken dat dit beklijft, dat het op de lange termijn doorgaat?
>> Leonard Geluk: Je hoopt door ook aandacht te besteden aan de ouders een soort mentaliteitsverandering teweeg te brengen. Dat er structureel anders wordt gegeten. Het beklijft op zich als je zes of acht jaar lang met sport bezig bent op de basisschool dan houd je dat later hopelijk vast. We willen in 't voortgezet onderwijs 'n vergelijkbaar programma doen zodat je ook daar in 'n omgeving komt waarin 't normaal is dat je 'n paar uur in de week sport.
>> Madeleen Driessen: Jullie in Rotterdam doen 't al een tijdje. Wat zijn de ervaringen?
>> Leonard Geluk: Die zijn uitstekend. We willen dat het overgewicht afneemt en dat zie je gebeuren. Ik wil al m'n collega-wethouders oproepen om dit over te nemen. Het lespakket is verder ontwikkeld door de Hartstichting en staat ter beschikking voor iedereen in Nederland. Met een zeer positief advies van de gemeente Rotterdam.
>> Madeleen Driessen en Leonard Geluk praten met een jongen op het schoolplein: Hé, wat heb jij? Een stappenteller. Is dit van vandaag? Meer dan 14.000.
14.160 stappen.
En hoeveel moet je op een dag?
15.000.
15.000 stappen? Nog een klein stukje. Succes.[Werk]
>> Madeleen Driessen: Ook steeds meer bedrijven maken gezondheid onderdeel van hun bedrijfsvoering. Logisch, want je wilt je Human Resources gezond en vitaal houden.
Willem, wat zijn de recente ontwikkelingen op de werkplek?>> Willem van Mechelen, hoogleraar sociale geneeskunde VUMC: Tot voor kort werd op de werkplek vooral gekeken naar mensen die verzuimen. Nu wordt er meer aandacht besteed aan de 95 procent van de Nederlandse werkpopulatie die aan het werk is.
>> Madeleen Driessen: Wat doen bedrijven om hun werknemers gezonder te laten leven?
>> Willem van Mechelen: Maatregelen op voedingsgebied en op beweeggebied. Als je het dan hebt over gezonder eten zie je dat bijvoorbeeld het kantineaanbod verandert. Je probeert vooral gezondere en betaalbare producten neer te zetten. En wat betreft bewegen zie je dat lunchwandelen en actief woon-werkverkeer erg gestimuleerd wordt.
>> Madeleen Driessen: Bedrijven investeren in de gezondheid van hun werknemers. Waarom?
>> Willem van Mechelen: Daar is 'n verstandige reden voor. Werkgevers krijgen te maken met toenemende vergrijzing uitgestelde pensioenleeftijd, maar ook met zaken als overgewicht en obesitas. Daar zitten enorme kosten aan. Het heeft allerlei medische kosten tot gevolg maar de kosten samenhangend met arbeidsongeschiktheid en verlies aan arbeidsproductiviteit zijn ook vier keer zo hoog.
>> Madeleen Driessen: Als je kijkt naar 't project 'werkfruit' - binnen drie jaar moeten 3.000 bedrijven 'werkfruit' aanbieden. Is dat een reële ambitie?
>> Willem van Mechelen: Dat weet ik niet precies. Dat hangt af van de bereidheid om erin te willen investeren. Maar het lijkt me verstandig omdat zo'n maatregel op een goede manier de werknemers bewust maakt van het leefstijlprobleem in 't algemeen. Dat ze denken: 'Gezond fruit, laat ik ook maar meer gaan bewegen.' Dus het lijkt me heel verstandig.
[Vrije tijd]
>> Madeleen Driessen: In je vrije tijd sporten of een boswandeling maken is niet voor iedereen vanzelfsprekend. Dat zou wel moeten, want dertig minuten beweging per dag halen velen niet.
Het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen voert sinds 2007 de 30-minuten-bewegen-campagne. Wat houdt dat in?>> Clémence Ross, directeur NISB: '30 minuten bewegen', zegt het al. Wij willen iedereen ertoe bewegen dertig minuten per dag actief te zijn zodat je gezond blijft.
>> Madeleen Driessen: En jongeren zelfs twee keer dertig.
>> Clémence Ross: Dubbel dertig.
>> Madeleen Driessen: En hoe krijgen jullie mensen zover?
>> Clémence Ross: Als je kijkt naar wat je kunt doen, is de 'wat-eet-en-beweeg-ik-bus' een manier.
[Bij de 'wat-eet-en-beweeg-ik-bus']
>> hostess: Goedemiddag, heeft u een pasje aangemaakt? Door de test te starten, krijgt u tips, informatie en vragen over gezonde voeding en voldoende beweging. Het zijn dertig vragen. Hier staat de vraag en u antwoordt ja of nee.
>> host: Hier is voor u de uitslag. De groene items zijn goed en de oranje zijn aandachtspuntjes.
>> Madeleen Driessen: Is de campagne een succes?
>> Clémence Ross: Ja, ik denk dat je dat gerust mag zeggen. We zien dat deze bus al om de dag ergens in Nederland staat. Dus er is heel veel vraag naar. Dat bepaalt natuurlijk ook een beetje je succes. Vinden mensen het leuk om mee te doen? Ja.
[Bij de 'wat-eet-en-beweeg-ik-bus']
>> host: U kunt de oranje punten van de test selecteren en daarna kunt u verder en krijgt u tips te zien in de categorieën.
>> vrouw: Ik breng de kinderen op de fiets naar school, doe op de fiets boodschappen. Dat is misschien niet echt veel, maar voldoende.
>> man: M'n hobby is tuinieren en ik doe daarnaast ook veel dingen in de siertuin. Ik heb ook nog een moestuin, dus ik ben elke week wel even actief maar het is maar kort. Dat is het probleem een beetje.
>> Clémence Ross: We zien ook dat 't aantal mensen dat de beweegnorm haalt, stijgt. Dus moeten we op groepen inzetten die niet voldoende bewegen. Die zien we duidelijk in beeld.
>> Madeleen Driessen: Welke groepen zijn dat?
>> Clémence Ross: Dan moet je denken aan chronisch zieken, 50-plussers, jongeren, met name die op het vmbo en mensen die werk hebben waarbij je veel moet zitten of werk waarbij je moeilijk aan bewegen toekomt.
>> Madeleen Driessen: Wat is voor jou de X-factor van de 30-minuten-bewegen-campagne?
>> Clémence Ross: Ik denk dat het gaat over drie dingen die die X-factor bepalen: de campagne heeft een naam, 30 minuten bewegen die al precies zegt waar het over gaat. Ten tweede is het zo - het is leuk, de drempel om mee te doen is laag, dus het is niet moeilijk. Je wordt er niet door afgeschrikt. Iedereen kan meedoen. En het derde is: NISB is gewend om het met partners te doen. De 'Wat-eet-en beweeg-ik-bus' die hier staat hebben we samen met 't Voedingscentrum ingericht en een aantal andere partners financieren mee. Verzekeraars, bedrijven, gemeenten. En dat succes van samenwerken, elkaars netwerk benutten samen de boodschap uitdragen, dat maakt de campagne veel sterker.
[Bij de 'wat-eet-en-beweeg-ik-bus']
>> host: Het laatste aandachtspuntje: Feestjes. Ik denk dat je wel weet waarom dit een aandachtspunt is. Let erop dat je op feestjes ook gezonde dingen neemt. Niet alleen bitterballen, maar komkommer en tomaat. Probeer daar rekening mee te houden. Eén is niet erg, maar tien is te veel.
>> Madeleen Driessen: Oké, dank je wel.
>> Host: Succes.
>> Madeleen Driessen: Paul, jij vroeg me op zoek te gaan naar de X-factor van initiatieven. Waarom?
>> Paul Rosenmöller: Omdat ik denk dat die er is. En omdat ik denk dat het Convenant sinds 2005 echt een aantal dingen heeft laten zien die die X-factor hebben. Het succes. Maar de trendbreuk is nog niet gerealiseerd...dus daar moet nog heel hard aan gewerkt worden.
>> Madeleen Driessen: Hoe kan die X-factor daarbij helpen?
>> Paul Rosenmöller: De X-factor staat voor dat succes en als jij ziet dat er op 'n schoolplein in Rotterdam iets gebeurt waar je enthousiast van raakt, kan dat landelijke betekenis krijgen.
>> Madeleen Driessen: En 't Convenant zelf? Heeft dat de X-factor?
>> Paul Rosenmöller: Ik denk zeker dat het Convenant de X-factor heeft al is het alleen maar omdat er concrete, heldere initiatieven zijn genomen die het waard zijn om, zoals dat dan in het jargon heet 'uit te rollen' over heel Nederland. Maar we moeten er nog veel aan doen, de komende jaren met de spelers van 't Convenant en de overheid om ervoor te zorgen dat via de X-factor het doel van 't gezonde gewicht voor de hele bevolking bereikt wordt.
>> Madeleen Driessen: Een uitdaging voor de toekomst.
>> Paul Rosenmöller: Absoluut.

mp4, 14:58 min., 47 MB
wmv, 14:58 min., 58 MB
3gp, 14:58 min., 8,2 MB
srt, 14:58 min., 19 Kb